de handen van een cellist

Sta in een lange rij op de receptie.
Weet jij hoe je een WikiWoord maakt in een weblog?
Nee dat weet ik niet.
Jij bent toch nerd?
ICT-er.
Als ik twee haakjes en dan het WikiWoord tiep
en dan nog eens twee haakjes.
Dat is goed met haakjes.
Maar dan laat hij gewoon die haakjes zien...
Dan moet er nog iets voor en achter.
De ICT-er zucht.
Het kost hem zichtbare moeite om
met mij over programmeren te praten.
Waarom is de ICT wereld zo gesloten vraag ik hem
Onder ICT-ers heerst de gedachte dat leken
van hun programma’s moeten afblijven.
Die programma’a worden toch voor mij gemaakt?
Er is ook iets psychologisch mis met ICT-ers.
Wat is er mis met jou dan?
Kijk maar.
Kijk naar de ICT-er.
Zie niks aan hem.
Bril
Pak
Het is paars
Met grote punten aan de revers

Wat heb je mooi gespeeld, zeg ik tegen het zoontje van de ICT-er.
De jonge cellist draagt een zwarte smokingbroek, een wit hemd en een zwart vlinderdasje.
Ik vond het zelf wat brokkelig klinken, zegt het jongetje.
Hij wil solo-cellist worden.
Hoe wordt je cellist?
Door veel oefenen en stevige handen, zegt het jongetje.
Geen grote handen?
Nee stevige handen.
Hoe krijg je stevige handen?
Drie keer per dag, vijftig keer knijpen.
En eelt op de vingers, zegt de ICT-vader.
Kijk, hier heb ik een eeltknobbeltje, zegt het jongetje.
Ik voel aan het bultje eelt.
Hoe kweek je eelt?
Door te spelen.
Niet door stoepen te leggen?
Nee. Het kan alleen door spelen.
Maar als je in bad bent geweest, is het eelt er weer vanaf.
De ICT-vader knikt en lacht. Ja. Je moet er wat voor over hebben.
No pain. No gain.

hoe het afliep...

Een jaar later wint het jongetje de 1e prijs jury, de persprijs en de publieksprijs van het Prinses Christina Concours
De finalisten mogen optreden in de Carnegie Recital Hall te New York. Het jongetje mag niet gaan. Hij is te jong. Hij is nog geen veertien....



10 april 2006